|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
(programma en commentaar van 4 juni: zie paragraaf 3
Vier jaar
geleden begon Ictus in een dansstudio van Rosas met een concertreeks van
solisten voor een bescheiden publiek van zeventien man... De formule was
eenvoudig en kwam tegemoet aan een frequente opmerking van luisteraars: “al
wat jullie spelen lijkt wel erg interessant, maar we hebben niet altijd de
tijd om te begrijpen wat er eigenlijk gebeurt.” Voor wie zich niet wil laten
overdonderen door de compositie, maar er meer inzicht in wil verwerven, is
één enkele beluistering meestal niet voldoende. De formule One.Only.One
bestaat erin dat er per concert slechts één stuk aan bod komt, maar dat het
twee keer wordt gespeeld. Tussen de twee versies praat een muzikant van het
ensemble of een gast met de componist, die enkele formele sleutels meegeeft
en de onderliggende ideeën van de compositie of enkele instrumentale
technieken toelicht. Dan kan het publiek het stuk voor een tweede keer
beluisteren, die merkbaar verschillend is van de eerste. Dit verschil is
wellicht minder te danken aan de toelichting door de componist, dan aan het
opzet zelf:: de tijd heeft zijn werk gedaan, het geheugen kan nu met een spel
van anticipaties en herinneringen functioneren. De luisteraars hebben de
sleutels gekregen om te luisteren. De
formule, met een ‘licht pedagogisch’ aspect, beantwoordde duidelijk aan een
vraag, want in de loop van de tijd werd het publiek steeds talrijker. 2. Een
nieuwe alliantie Na enkele
concerten werden de spelregels van OOO aangepast en werd alleen nog werk
gebracht voor een solist en lichte elektronica. Dat wil zeggen een werk
waarin de solist zijn instrumentaal spel kan confronteren met de
elektronische partij (vooraf opgenomen of soms een elektronische verwerking
van akoestische klanken in reële tijd), en dit zonder de talrijke
beslommeringen en beperkingen van de ‘zware’ elektronica (koptelefoons,
allerlei sensoren en pedalen, elektronische partituurvolgers enz), die van de
muzikant een masochistische androïde maken. Dit hebben wij met een zekere
hoogdravendheid “Een nieuwe alliantie” genoemd. Een soepele en intuïtieve
dialoog tussen de vertolker en de machines, waarin de elektronica vertraagt,
versterkt en de grenzen van het klassieke instrument verlegt en een
kaleidoscoop van akoestische illusies creëert. 3. “Electric Ballroom”, 4 juni 2002, Kaaitheater: De Electric Ballroom, die al meermaals
georganiseerd werd op buitenlandse festivals, is een concert met een
traditionele vorm, zonder interview, en samengesteld uit de beste stukken van
het OOO-repertoire. De versie in Brussel brengt drie “best of”: •Kaija
Saariaho, Petals, voor cello en real time
electronics. •Luca
Francesconi: Animus, voor trombone en quadrofonische
bandopnemer •Alejandro
Viñao: Tumblers, voor viool, marimba en quadrofonische bandopnemer
•een van Charlemagne
Palestine, voor harp en elektronica. Palestine,
een luidruchtige New-Yorkse jood die in Brussel woont, is een van de downtown composers die samen met
Reich en Riley het Amerikaanse minimalisme hebben uitgevonden. Hij verwierf
een zekere naam met lange stukken voor Bösendorfer-piano, waarin het
kringelende spel van de patterns verstrikt raakt in de resonanties van
het pedaal, en onverwachte en hemelse melodieën van natuurlijke harmonischen
doet ontstaan... Die daarna een tweede leven krijgen met de ijzige techno van
Pansonic... •een
andere van Stefan Van Eycken, voor piano, assistent,
versterker en elektronische strijkstokken, muziek bij “Train de Plaisirs”, een
stille film van Henri Storck uit 1930. Storck is
een Belgische cineast die op een wonderlijke manier de geest van het
Belgische surrealisme (met zijn subversieve en onverbiddelijke humor) wist te
verenigen met de documentairekunst, waarvoor hij tevens pionierswerk
verrichte op het vlak van de montage. Van Eycken momenteel fellow-traveller
van Ictus neemt de uitdaging van Morton Feldman om van elke pianonoot een
“vervagend landschap” te maken aan ... en gaat nog een stap verder door de
aanzet van de piano met elektronische strijkstokken te doorbreken en de
resonantie ervan uit te rekken. Door de elektronica in de eigenlijke
productie van de akoestische klank te betrekken, neemt de
intelligente Vlaming radicaal stelling tegen wat hij de elektronische
cosmetica noemt (“live instrumental sound with an electronic
halo”) en karaoke-elektronica (‘”lay along with
the accompaniment”)... •een derde
werk tenslotte van Fausto Romitelli, de
meest psychedelische componist sedert Sid Barrett ... het fijnste oor ten
dienste gesteld van de corruptie en de bad trips, waaraan het
Kaaitheaterpubliek in december laatstleden een staande ovatie gaf. Voor
elektrische gitaar. 4. Twintigste en laatste OOO, 10 juni 2002, Kaaitheaterstudios OOO stopt
er voorlopig mee maar komt in een andere vorm terug in 2004. Voor de laatste
en twintigste editie, doorbreken wij de regel: geen elektronica deze keer en
een dance party voor iedereen na het concert. Op het programma: de
Black
Page van Frank Zappa voor marimba en drums dat zo door de meester
werd genoemd vanwege zijn radicale onspeelbaarheid. En omdat dat zo is,
zullen we het twee keer spelen. Gerrit Nulens, Michaël Weilacher,
percussie. |
|
|
|
|
|