Editorial february-march 2002

 

Voor Ictus begint februari met een groot groepsconcert in deSingel (Antwerpen - 1.2.2002): Ligeti, Harvey, Chin en de creatie van 'Anamorphose', een werk van Johannes Schöllhorn op een tekst van Francis Ponge. In zijn 'Kammerkonzert' uit 1970 drijft Ligeti het principe van de 'micropolyfonie' tot het uiterste (een rijke polyfone activiteit levert grootschalige, gemakkelijk te onderscheiden 'texturen' op), net voor hij van die radicale methode afstand doet om opnieuw aandacht te besteden aan de melodie. Het 'Kammerkonzert', boeiend van begin tot einde door de enorme vindingrijkheid, wisselt gladde en kwijnende polyfone passages (die volgens de componist tot een soort van 'verrotting' leiden) af met verbazingwekkende mechaniekjes, snel, duivels en lichtjes ontregeld. "Ik wil een zekere orde, maar liefst ietwat ongeregeld," zei Ligeti tijdens een gesprek met Pierre Michel. Zijn muziek is strikt gezien niet mathematisch opgebouwd, maar ze roept een paradoxale en speelse interpretatie van de wiskunde op, een soort van wiskundige fictie ("Muziek die niet berekend is, maar toch verwantschap vertoont met de meetkunde," zei hij verder). Daarom is Ligeti vandaag voor de jongere generaties de meest invloedrijke naoorlogse componist. Terwijl iedereen Webern ziet als de grootmeester van het aforisme, Boulez als die van de uiterste nauwkeurigheid, Berio als die van de virtuositeit en zo verder, is Ligeti de verpersoonlijking van de speelsheid en het anti-expressionisme, licht pervers en uiterst vrijmoedig, die samenzweerderig de intelligentie van de luisteraar aanspreekt. Wat Johannes Schöllhorn betreft, hij bewandelt een van zijn geliefkoosde paden: variatie, arrangement en commentaar. Hij herschrijft Bachs 'Die Kunst der Fuge' als een soort van anamorfose en vermengt ze met een reeks teksten van Francis Ponge, oneindige variaties op een poging om een vijg te beschrijven. 'Die Kunst der Fuge' is 'L'Art de la Fugue' in het Frans, en 'vijg' is 'figue'; de toekomstige scenische versie van het werk kreeg dus als titel een woordspeling mee: 'l'Art de la Figue'.

21 maart in het Kaaitheater. In overeenstemming met het thema van het festival Ars Musica 2002 (de roes geboden door verschillende bronnen als snelheid, virtuositeit en orkestraal meesterschap) stelt Ictus 'Chimera' voor, een recente compositie van Misato Mochizuki, sinds kort nauw verbonden met het ensemble. Met 'Chimera' wil Ictus openlijk breken met een zekere ernst, een bepaalde cultuur van de complexiteit die het ensemble meebracht van zijn talrijke prestaties op Duitse podia. Hier gaat het erom een fantasie te brengen, een toverachtig stuk, een scherzo. De vorm is allerluchtigst, een eeuwigdurende beweging tegen een hoge snelheid en met een laag volume, die zich volgens de regels van de metonymie ontvouwt: een detail wordt geleidelijk uitvergroot, een gedeelte van een figuur die tot dan toe van bijkomstig belang was, staat plots op zichzelf, het melodisch veld wordt aangetast door omringende geluiden É Op het programma van dit concert staan ook twee werken van de Fransman Yan Maresz, vast arrangeur van John Mc Laughlin en geducht ritmespecialist. Zijn 'Eclipse' voor klarinet en ensemble, even soepel en levendig als een improvisatie op de gitaar, en het tintelende 'Metallics' voor trompet en elektronica (dat we reeds speelden tijdens ons recent 'Bad Trip Concert') besluiten het concert.